Besmettelijk of niet?
Kanker is niet besmettelijk, waarom dan toch een vaccinatie tegen baarmoederhalskanker?
Omdat ik regelmatig vragen krijg van deze strekking, wil ik in hetgeen volgt nogmaals (en in aansluiting op een eerder artikel in de Nieuwsbrief van september 2007) ingaan op deze materie.
Kanker is inderdaad doorgaans niet besmettelijk, maar er kunnen wel omstandigheden bestaan waarbij de kankercellen vrij spel lijken te hebben. Zo werd HIV ‘ontdekt’ door het alsmaar optreden van Kaposi sarcomen, voordien een vrij zeldzame vorm van kanker. Ook wanneer proefdieren, door voortdurende inteelt, genetisch vrijwel identiek zijn geworden, zijn bepaalde soorten van tumoren ‘besmettelijk’ geworden. Je zou in dit geval kunnen zeggen: wanneer de ‘individualiteit’ van het individu afneemt, gaat dit ten koste van de weerstand tegen tumoren!
Verder laat Piet Borst, in de wetenschapsbijlage van 24/25 april 2010 in het NRC, zien dat dit ook in de natuur voorkomt: namelijk bij tasmaanse duivels, een agressief buidelroofdier in Australië, waar eveneens, door het uitdunnen van de populatie, duidelijk sprake is van inteelt!
Weefselbeschadiging
Ook al is kanker bij de mens niet besmettelijk, dan betekent dat nog niet dat infecties geen rol spelen. Volgens Harald zur Hausen, de man die de rol van het papillomavirus bij baarmoeder-halskanker ontdekte, dragen infecties bij aan ongeveer 20% van alle gevallen van kanker. De belangrijkste boosdoeners zijn de virussen, maar elke chronische ontsteking die gepaard gaat met veel weefselbeschadiging, kan de kans op het optreden van kanker vergroten. Alle extra celdelingen die nodig zijn voor het herstellen van het beschadigde weefsel, vergroten namelijk in theorie de kans op DNA-beschadigingen en daarmee de kans op het optreden van kanker. Zo kan een chronische besmetting van de maag met de zogenaamde Helicobacter Pylori bacterie voorkomen bij mensen met een langdurige maagzweer. In deze groep mensen treedt wereldwijd bijna een miljoen keer per jaar maagkanker op.
Regulier
Virussen kunnen echter niet alleen kanker veroorzaken bij een toegenomen weefselbeschadiging. Sommige virussen kunnen namelijk ook de controle van de celdeling in gastheercellen overnemen en zo de cellen aanzetten tot (meer) deling. Vanuit het virus bekeken vormen méér cellen ook als het ware meer ‘Lebensraum‘! De gastheer ondergaat die ongeremde groei van cellen tegen wil en dank en krijgt kanker. De belangrijkste vertegenwoordiger van deze groep virussen is het papillomavirus (dat wel geassocieerd wordt met het ontstaan van baarmoederhalskanker), maar er worden steeds meer virussen ontdekt die cellen kunnen herprogrammeren richting het ontstaan van kanker. Regulier gezien kun je dan, als het ware voortbordurend op genoemde inzichten, proberen om het vóórkomen van deze vormen van kanker te voorkómen door – in het geval van virussen – te vaccineren ‘tegen’ het betreffende virus.
Antroposofisch
Vanuit antroposofisch perspectief bezien is hierin een uitdaging vervat aan de Ik-organisatie, die zich ondermeer manifesteert via het immuunsysteem, hetgeen vanuit biochemisch opzicht het meest geïndividualiseerde ‘orgaan’ vormt van het menselijk lichaam. Medicamenteus zou in dit geval het inzetten van mistelpreparaten kunnen worden overwogen, die (zoals in het artikel in de Nieuwsbrief van september 2007 werd uiteengezet) de Ik-organisatie kunnen ondersteunen in zijn afweerfuncties. Over dit onderwerp zou u verder in gesprek kunnen komen met uw huisarts.
H. Scholberg, huisarts
